In mijn vorige blog sprak ik al over de essentie van de stof en daar wil ik nog even op voortborduren. Je komt namelijk tot de essentie als je jezelf afvraagt wat het minimum aan informatie is dat een deelnemer nodig heeft. Om die vraag te kunnen beantwoorden moet je natuurlijk de leerdoelen in je achterhoofd hebben, maar je moet je ook verplaatsen in de deelnemer. En dat is nu precies mijn vijfde tip.

Vertellen vs schrijven naar de leerdoelen

Specialisten en inhoudsdeskundigen zijn vaak geneigd om teveel te vertellen. Zij weten namelijk veel over het onderwerp en ze willen graag delen. Maar we willen deelnemers niet per sé opleiden tot specialist met onze e-learningmodules. Denk maar eens aan een rijopleiding. Is het belangrijk dat je weet hoeveel zitplaatsen een bus moet hebben, voordat je het een autobus mag noemen? (Het antwoord is meer dan 8 mocht je het je afvragen). Ik denk dat je prima kunt functioneren in het verkeer zonder je druk te maken om dit soort details, maar een verkeersdeskundige zal hier wellicht anders over denken. Daarom is het belangrijk om je af te vragen wat de deelnemer moet weten/kunnen voor het beoogde doel en de module hiernaar te schrijven.

Spreek de deelnemer aan

Maar redeneren vanuit een deelnemer doe je niet alleen als het gaat om het bepalen van de lesstof. Je wilt de deelnemer ook op de juiste manier benaderen. Spreek de deelnemer aan, pak zijn of haar aandacht, maak de module actief, laat de deelnemer zelf aan de gang gaan met de stof. Geef de ruimte om fouten te maken, maar geef ook antwoorden en feedback zodat er geen frustratie optreedt. Verplaats je in die deelnemer en bedenk wat jij prettig zou vinden. In veel gevallen vindt de deelnemer dat ook. En vind je jezelf heel speciaal en niet te vergelijken met de deelnemers. Ga dan eens met ze in gesprek!

Zoek je ook zoiets, maar dan anders?

Plan direct een belafspraak of laat je gegevens achter, dan nemen wij contact met jou op.